ZOMERKAMP 1999

De Dipsy’s, Gabbershut, Powerboy’s, Snotneuzen, Blinkerteam, de Sterren en de Nachtegalen. Dat waren de namen van de hutjes en tenten van de kinderen. Van 7 tot en met 10 juli waren een kleine dertig kinderen op zomerkamp in de bossen bij Overasselt. We hebben heel veel leuke dingen gedaan.

Tijdens het verhaal van Klaas en de vrouw zonder hoofd , zei iemand “hier krijg ik nachtmerries van.”
Op woensdagavond kwamen er twee Trollen op bezoek. Met al ons lawaai en gestamp hadden we ze wakker gemaakt. De trollen vroegen of wij ze wilden helpen en met wat tegenzin (want het was toch wel echt eng) wilden we dat wel. Het zat namelijk zo: lang geleden hadden de kwade Trollen het evenwicht in het bos verstoord. Ze hadden de geest in de fles gevangen en de bezem van de goede heks vastgebonden. Na een lange en gevaarlijke speurtocht lukte het ons de geest te bevrijden en de bezem los te maken. Toen was het tijd voor een feestje en dat duurde voor sommigen wel tot een uur of drie.
De volgende ochtend schudde Wilma iedereen weer vroeg wakker. Met z’n allen deden we ochtendgymnastiek op de “Macarena”. Toen een lekker ontbijt en op pad naar het grote speelveld waar we de hele dag Zeskamp hebben gedaan . De groep van aanvoerder Tim won met een neuslengte verschil. Na een uitgebreide maaltijd gingen we ‘s avonds levend Stratego doen. Hardrennen, sluipen, tikken of getikt worden, van Maarschalk tot Spion , iedereen deed mee.
Dat broodbakken best wel moeilijk is bleek wel toen we ons eigen stokbrood gingen bakken .Maar ook al waren ze zwart en half gaar, met veel jam is het toch reuze lekker.

Toen de allerkleinsten naar bed moesten, gingen de stoere meiden en jongens op pad voor een avondwandeling. Onderweg, in het pikkedonker, ging Sara een waar gebeurd verhaal vertellen. Over een man, Klaas genaamd, die langgeleden in dit zelfde bos een vrouw zag lopen. Toen hij vlak bij haar was, zag hij pas dat ze geen hoofd had. Het hoofd lag in een mand die ze bij zich droeg. Klaas maakt dat hij weg kwam en moest rennen voor zijn leven. Toen Sara klaar was met dit verhaal bleef het stil. Niemand durfde terug te lopen. Uiteindelijk werden er twee dappere knapen gevonden (Beer en Michael )die voorop liepen. Die nacht was het heel snel rustig.
De volgende ochtend was het tijd voor het kleurenspel met allerlei moeilijke en leuke opdrachten: maak een foto van het leukste plekje, brouw een heksendrank , los de rebussen op, enz. ‘s Middags zijn we gaan zwemmen in een speeltuin met zwembad.
Een kampvuur maken is toch echt iets voor scouts; wat is levend en wat is dood hout ? Uiteindelijk brandde het goed en zaten we aan het eind van een lange avond, liedjes te zingen rond het kampvuur ,”Wie heeft de pet van Tante Jet?” De volgende ochtend maakte de poets- en veeg jury bekend dat de Hut van Cynthia, Miranda en Sabrina al die dagen het schoonste was en dat de beste veger en bezemer, Michael B. was. Na een snel ontbijt kwam de bus die ons allemaal weer terug bracht naar Presikhaaf.
Wij vonden het een hartstikke leuk en gezellig kamp. Ook de kinderen vonden het leuk want iedereen wilde graag nog een paar dagen blijven. Dus tot volgend jaar want dan gaan we zeker weer op zomerkamp.

De groetjes van Wilma, Ineke, Ans, Miriam, Moniek, Sharon, Sara, Joke, Saskia , Karin, Hans en Jan en de nachtwachten Fred, Vera en Ceryl